Britten in Nederland na de Brexit

2021-05-27 | AUTEUR JELLE WALTHER

Het Verenigd koninkrijk (VK) heeft bijna een halve eeuw deel uitgemaakt van de Europese Unie (EU). Het op 23 juni 2016 gehouden referendum heeft er toe geleid dat daar op 31 januari 2020 officieel een einde aan is gekomen. Echter, tijdens de overgangsperiode - die duurde van 31 januari tot 31 december 2020 - bleef het EU recht van kracht. Dat hield ook in dat het EU migratierecht nog van toepassing was. Inmiddels is deze termijn afgelopen. Dat heeft tot gevolg dat onderdanen van het VK nu ‘derdelanders’ zijn geworden en te maken krijgen met strengere migratieregels. Andersom geldt dat overigens ook voor onderdanen van de EU in het VK. Het VK gaat daarbij voortvarend te werk, daar zijn onlangs de eerste Unieburgers zonder visum zelfs in de cel terecht gekomen.

In Nederland zijn voor zover bekend nog geen illegale Britten vanwege de strengere regels in vreemdelingenbewaring gesteld, maar er is inmiddels wel het nodige voor hen ingrijpend veranderd.

Binnen de EU bestaat het recht van vrij verkeer personen en werknemers. Daardoor kunnen Unieburgers zonder beperkingen vrij reizen en werken in de EU. Vanwege de Brexit geldt dit voor Britten niet meer.

Zo hebben Britten vanaf 1 januari 2021 geen vrije toegang meer tot de Nederlandse arbeidsmarkt en dienen zij (althans hun werkgevers) een tewerkstellingsvergunning of gecombineerde vergunning verblijf en arbeid te bezitten om in Nederland te mogen werken. Een Nederlandse werkgever kan worden beboet, indien een Brit zonder een dergelijke vergunning voor hem gaat werken. Voor Britten geldt niet langer het Europeesrechtelijke openbare orde criterium, waardoor zij eerder hun verblijfsrecht kunnen verliezen wegens het begaan van strafbare feiten.

Onderdanen van het VK hoeven echter geen visum of mvv te verkrijgen voordat zij voor kort of lang verblijf naar Nederland komen. Ook is het niet vereist om vooraf te slagen voor het basisexamen inburgering buitenland. Een in Nederland gevestigde Brit moet wel voldoen aan de inburgeringsplicht. Ook moet een in Nederland gevestigde Brit een verblijfsvergunning bezitten.

De rechtspositie van Britten is wat betreft het migratierecht nu vergelijkbaar met die van Australiërs en dat is wennen.

Tussen de Europese Unie en het VK zijn afspraken gemaakt over de Brexit. Deze zijn neergelegd in het terugtrekkingsakkoord.

Britten die voor 1 januari 2021 al in Nederland wonen krijgen nog tot 1 juli 2021 de gelegenheid om een verblijfsvergunning aan te vragen. Onderdanen van het VK die voor 1 januari 2021 in Nederland woonden vallen nog onder het terugtrekkingsakkoord en de minder strenge migratieregels. Britten die al in het bezit zijn van een verblijfsvergunning of ook een EU nationaliteit hebben hoeven deze verblijfsvergunning niet aan te vragen. Na 1 juli 2021 is het vrije personenverkeer echt teneinde voor Britten.

ARCHIEF
openCollapse
KENNISGEBIEDEN